Als je Paul vandaag over zijn uitvinding hoort vertellen, besef je meteen dat dit geen typische ondernemer is. Geen marketingprofessional, geen verkoper – maar een vader die een echt probleem wilde oplossen.
"Ik weet het nog precies," zegt Paul, terwijl hij naar een oud filmpje van zijn zoontje kijkt. "De kleine had de speen constant bijna helemaal in zijn mond. Een keer verslikte hij zich zo erg dat mijn hart even stilstond."
Wat klinkt als een onschuldig, alledaags tafereel, is in werkelijkheid een wijdverbreid maar vaak onderschat risico: veel conventionele fopspenen zijn simpelweg te klein of slecht gevormd. Baby's kunnen ze te ver in hun mond trekken, wat verstikkingsgevaar oplevert. Tegelijkertijd belasten grote of harde spenen de gevoelige kaak – wat op de lange termijn kan leiden tot scheefstaande tanden.
Pauls vriend en medeoprichter Dustin kan zich er wel iets bij voorstellen. "Ik heb een zusje en ik herinner me de constante uitslag rond haar mond. Destijds wist niemand dat het door de fopspeen kwam," zegt hij. "Veel ouders denken dat een fopspeen gewoon een fopspeen is, maar dat is gewoon niet waar."